Wonderlijke tijden. Verstoring van de bestaande orde. Wat voor jou belangrijk is wordt bedreigd – en je zoekt steun, houvast, geborgenheid. Je behoefte aan zekerheid groeit, maar waar vind je die nog? De werkelijkheid schreeuwt je toe: ’Je bent op jezelf aangewezen!’ Ben je dus alleen? Nee! Want we zijn hier samen. Niemand is alleen. En we hebben elkaar nodig. Meer dan ooit. Deze tijd vraagt om tevoorschijn komen. Laten zien wie je bent. Je niet meer verschuilen maar meedoen. Inbrengen wat jij kunt bijdragen – door te doen waar jíj blij van wordt. En je door niets of niemand meer bang laten maken. Wanneer je de moed kunt opbrengen om voluit te leven – recht uit je hart, en geholpen door je hoofd – ben je minder alleen dan je denkt. Dan kun je steun, houvast en geborgenheid ervaren. Bij jezelf, en bij de ander. En dan heb je ook wat te geven – dan geef je wie jij in wezen bent.

donderdag, september 04, 2008

Het geweld van 9/11



Laatst hadden mijn vrouw en ik gedoe. Het ging als volgt. Zij was zomaar ineens boos op mij. Ik voelde mij aangevallen. Logisch, want zij deed zomaar, ineens, boos, tegen mij!

Ik doe boos terug:
Waarom doe je zo boos?!
Waarom ik boos doe? Waarom deed jij zo boos?!
Huh..? Ik deed niet boos!
Je deed wel boos!
Etc etc

Wat bleek? Zonder het in de gaten te hebben had ik verontwaardigd gedaan tegen haar. Op een bozige toon iets gezegd. Verwijtend, aanvallend. Daar reageerde zij op: boos. Mijn eigen toon had ik niet gehoord, die van haar des te meer. Resultaat: ruzie. Een vorm van geweld.


Het begint met een toon. Onaardig, niet vriendelijk. De ander ervaart een aanval: Waar heb ik dit aan verdiend? En verdedigt zich. Met een tegenaanval - die jij weer opvat als een verrassingsaanval. Zomaar... ineens! Dus jij denkt ook: Waar heb ik dit aan verdiend? En dan heb je een ruzie waarin je allebei denkt dat de ander begonnen is.

Het doet denken aan 11 september. Na de aanslagen op de Twin Towers voelde Amerika zich aangevallen. Zomaar, ineens. Alle reden om terug te slaan. 'Revenge!' werd geschreeuwd. Maar waren de aanslagen nou een aanval, of een tegenaanval? Kwam 9/11 uit de lucht vallen, of was er iets aan vooraf gegaan?

Veel Amerikanen vroegen zich hardop af: 'Why do they hate us?' Mark Hertsgaard, een Amerikaanse onderzoeksjournalist trok met die vraag de wereld in. Een eenduidig antwoord kon hij niet vinden. Tot hij weer thuis was en het vroeg aan een pakjesbezorger: 'Why do they hate us?' 'Because we're rich and arrogant' was het antwoord. Onderzoek klaar.

Misschien heeft Amerika niet altijd in de gaten hoe onaardig het zich vaak gedraagt. Met grote cowboylaarzen door de wereld stappen. Zich machtig en superieur gedragen. Geen idee wat het aanricht. Maar wel verbaasd over de boosheid die het oproept en tegenkomt. En daar dan boos over wordt. Ervan overtuigd dat de ander begonnen is...

Dat zou een bijdrage aan de wereldvrede kunnen zijn: ophouden met boos doen tegen anderen. Vanuit het besef dat het allemaal geweld is. Geweld dat je bovendien vroeg of laat terugkrijgt. Net als Amerika. Geweld komt niet uit de lucht vallen. Het begint ergens. Ben je het zat om in die geweldsspiraal te zitten? Stap eruit. Probeer een dag vrij te zijn van geweld. Bijvoorbeeld op 11 september.

vrijdag, juni 13, 2008

stevige vriendelijkheid | vriendelijke stevigheid

Kijk om je heen en wat zie je? Cultuurverandering! Heeft iemand daar iets aan gedaan? Nee! Kan iemand daar iets aan doen? Evenmin! Cultuurverandering gebeurt gewoon. Gaat vanzelf. Daarom is verzet ertegen niet alleen dom maar ook erg grappig. En er vanuit een gedachte van maakbaarheid aan willen sturen (‘stimuleren!’) is even illusoir als vrolijkstemmend.

Misschien is het slimmer om goed te kijken wat je ziet en er je voordeel mee te doen. Vraag niet hoe het kan maar profiteer ervan! Er is heel veel voordeel deze dagen. En dat gaat verder dan dat ik vandaag vanuit huis binnen een straal van 500 meter het grootste deel van de internationale cuisine kan ruiken en proeven en de ingrediënten ervan kan zien en kopen.

Een van de meest intrigerende cultuurveranderingen die mij opvallen is de stille revolutie die zich voordoet onder leidinggevenden. Dat zijn steeds vaker vrouwen. En wat voor vrouwen! Een ander soort vrouwen dan ik zag opkomen in de jaren tachtig en negentig. Geen bitches, geen verklede mannen. Geen penisnijd - en dus ook minder castratieangst onder mannen!

Het afgelopen jaar heb ik zes vrouwelijke topambtenaren geïnterviewd voor de website van de Baak. Een leerzame ervaring. Ik wist wel dat er vrouwelijke toppers rondlopen die anders zijn. Waarbij ik nou eens niet het gevoel krijg dat ze uit tomeloze ambitie en niet te stuiten geldingsdrang vooruit en hogerop willen, koste wat kost. Vrouwen die normaal blijven doen.

Want wie schetst mijn verbazing? Ik kom zomaar zes bijzondere vrouwen tegen. Vrouwen die zo stevig zijn als je volgens de normen van het assessmentbureau van een topmanager mag verwachten en zo vriendelijk als elk kind van zijn of haar moeder hoopt en verlangt. Zeg maar: vriendelijke stevigheid. Of andersom: stevige vriendelijkheid. Afhankelijk van de situatie.

Het zijn stuk voor stuk vrouwen die weten wat ze willen. Ze paren nuchterheid aan betrokkenheid. Ze zijn rationeel maar dat wil niet wil zeggen dat ze hun gevoel niet tonen. Sterker nog, ze onderkennen hun gevoel en dat zetten ze ook in. Wat opvalt is dat ze zichzelf goed kennen, naar zichzelf durven kijken en open staan voor feed back. En die ook durven geven.

Wat is daar nou zo bijzonder aan? Dat is toch een prachtig profiel voor elke leidinggevende? Daar wordt van teamleiders tot directeuren toch op geselecteerd tegenwoordig? Dan kun je je afvragen waarom de Baak zulke goede zaken doet. Of waarom er zoveel ontevredenheid is over leidinggevenden en wat ze links en rechts schijnen aan te richten (‘managers!’).

Dat vriendelijke stevigheid / vriendelijke stevigheid bijzonder is ontdekte ik toen ik aan een van die vrouwen vroeg: ken je ook mannen die zo zijn? Het bleef lang stil. Ze wist het niet. En dat lag niet aan haar intelligentie, integendeel. Toen zij ze: ik ken wel vriendelijke mannen maar die zijn vaak niet stevig; en ook stevige mannen, maar die zijn vaak niet vriendelijk.

Daar zat ik dan. Als man. Ik wist het ook niet. Ik zie veel Machers en macho’s en ik zie veel watjes en softies. Zelf ga ik daar tussen heen en weer. Soms veel te stevig, en dan weer te vriendelijk. Die balans is zo lastig. De vrouwen die ik interviewde zie ik die balans veel beter bereiken. Natuurlijk, n = 6. Maar volgens mij heb ik de toekomst geinterviewd.

Want de cultuur verandert die kant op. Onherroepelijk, maar ook zonder dat iemand daar bewust mee bezig is, of daar op stuurt. Dit soort vrouwen komt omhoog, ze komen bovendrijven. Niet door gebrek aan gewicht maar omdat ze dingen voor elkaar krijgen zonder bedreigend te zijn. Behalve voor bange mannen van boven de vijftig. Maar daarover weer een andere keer.



Kijk voor de interviews op http://www.debaak.nl/themas/publiekebaak (voorpagina en meer onder ‘Interviews’)

Verschenen in: Tijdschrift voor Management Development, nummer 2, zomer 2008

vrijdag, mei 09, 2008

Zin!Posium|Vrij!Markt komt eraan!




Het verbindende thema van de nieuwe editie van het Zin!Posium is Vrijheid. En het is een markt: vraag en aanbod komen bij elkaar.

Vandaar: Zin!Posium|Vrij!markt. Donderdag 29 mei a.s. van 14 tot 20 uur in Maarssen. Heb je iets nieuws? Een workshop, een training, een presentatie? Dan kun je het hier aanbieden.

Heb je een vraag of een idee waar je al een tijd mee rondloopt, maar kom je er in je eentje niet uit? Stel je vraag op de Vrij!Markt en kijk of er mensen zijn die je verder kunnen helpen vanuit hun kwaliteiten of die zich bij je initiatief aan willen sluiten.

Wat je ook wilt, je kunt het komen brengen of je kunt het komen halen op de Vrij!Markt. En natuurlijk kun je ook gewoon komen rondneuzen… omdat je nog niet precies weet wat je zoekt.

We bieden een plek, de ruimte en de vrijheid om te ondernemen waar jij Zin! in hebt. Te doen wat je wilt, te spreken wie je wilt, te zien wat je doet. Creating Out of Nothing!

Er is een programma (zie hieronder), er zijn vaste momenten en er is weer prima eten & drinken. Er is ritme en structuur, juist om daarbinnen in alle vrijheid aan de slag te kunnen. Free Space!

Programma

14.00u - 14.30u Plenaire opening
14.30u - 16.00u Plenaire presentaties
16.00u - 16.30u Frisselekkernijen
16.30u - 17.30u Workshop ronde 1
17.30u - 18.30u Tapasbuffet
18.30u - 19.30u Workshop ronde 2
19.30u - 20.00u Plenaire afsluiting & borrel

Kosten

Voor het Zin!Posium | Vrij!Markt 2008 wordt een bijdrage van € 69,- gevraagd. Voor dit bedrag kun je het hele programma volgen en genieten van een uitgebreid tapasbuffet en lekkere drankjes!

Locatie & Route

Seats2meet.com
Planetenbaan 100
3606 AK Maarssen

woensdag, april 23, 2008

Is democratie de helft plus een?




De voorzitter van D66, Ingrid van Engelshoven, haalde in haar toespraak op het D66 voorjaarscongres een uitspraak van Rita Verdonk aan uit de NRC van 9 februari: "Als je thuis moet beslissen over het avondeten en drie willen er patat en twee zuurkool, dan wordt het toch patat? Heel simpel. Zo werkt democratie." Inderdaad heel simpel... Ingrid maakt spaghetti van de zuurkool maar legt ondertussen helder en rustig uit waarom ze liever niet in Rita's democratisch gezin zou wonen (laat staan groot zou worden):

"Onlangs vergeleek Rita Verdonk democratie met wat er in het gezin gegeten moet worden. Daarbij gaat het volgens haar gewoon om wat de meerderheid wil: Willen er drie spaghetti en twee patat, dan wordt het gewoon spaghetti.

Maar wat nou, als je in dat gezin alsmaar tot de minderheid behoort en dus nooit te eten krijgt wat je lekker vindt. Dan gaat dat toch wringen. En het zou niet het gezin zijn waar ik graag in zou wonen.

Democratie is meer dan de helft + 1. Democratie is ook rekening houden met de minderheid. Democratie is ook zoeken naar oplossingen waar zoveel mogelijk mensen achter kunnen staan."

Ingrid van Engelshoven kreeg een daverend applaus. Democratie is niet simpel de meerderheid beslist, democratie is vooral rekening houden met minderheden. Inclusief Rita Verdonk en haar beweging. Godzijdank een minderheid. Heer geef wijsheid.

vrijdag, maart 28, 2008

Microblog IJsvogel




(foto Hetty Mos)

Een ijsvogel gezien! Wat een prachtig, indrukwekkend beestje... En een van de boswachters, mevrouw Mos - mooie naam voor een boswachter - bleek 'em op de foto te hebben gezet. Lees hier verder...

zondag, maart 09, 2008

De jeugd van tegenwoordig - Binden? Boeiuh!


Organisaties vergrijzen, want ouderen blijven langer werken. Die vergrijzing versnelt doordat jongeren makkelijker vertrekken. De vrijheid lokt, en het risico is klein. Want de economie groeit, en de arbeidsmarkt is krap. Je kunt zo iets opzetten, je hebt zo wat opdrachten. En mocht het tegenzitten dan kun je zo weer terug naar een baas.

De meest creatieve en meest innovatieve mensen vertrekken het eerst. En wanneer de economische groei mocht vertragen en ontslagen dreigen dan gebeurt grappig genoeg hetzelfde. Ook dan beginnen de meest ondernemende mensen het snelst voor zichzelf en vertrekken de meest getalenteerden het eerst. Wel of geen economische groei, wat overblijft zijn grijze koppen en grijze muizen in grijze organisaties. Somber verhaal? Zal wel meevallen? De jeugd van tegenwoordig valt helemaal niet mee! Binden? Boeiuh!

Het begint al jong, in het onderwijs. Veel te veel kinderen hebben geen idee waarom ze op school zitten. Ja, de leerplicht. Ja, diploma. Ticket to freedom. Om straks iets te kunnen doen wat je echt leuk vindt. Maar tot je achttiende is het corvee. En daarna misschien ook wel. Het kan hen nauwelijks boeien. Docenten die van een andere planeet lijken te komen. Die vooral bezig met hun vak - in plaats van bezig met jou. Weinig aandacht, weinig begrip en weinig respect. Over en weer.

Veel meisjes doen nog braaf hun best, maar vooral jongens dromen van ruimte en vrijheid. Ze haken steeds vaker af en beginnen voor zichzelf. In een netwerk, met gelijkgestemden gaan ze doen waar ze zin in hebben en waar ze goed in zijn. Wat vaak hetzelfde is. Zo ontstaat in de marge een creatieve economie van kleine zelfstandigen en startende ondernemingen. Mensen met heel veel energie en veranderkracht. Mensen waar menig personeelschef van droomt. Die hun organisatie fris en fruitig zouden kunnen houden. Maar op school of tijdens hun studie haken ze al af. ‘Boeit niet.’

Misschien zijn we in Nederland - zeker voor wat betreft ‘blank en hoogopgeleid’ - met z’n allen aangeland in het bovenste puntje van de piramide van Maslov. We komen onze ouders niet meer overtreffen. ‘Beter dan zij krijgen we het toch niet. We kunnen hun huizen niet eens meer betalen!’ Generaties lang groeiden we verder dan onze ouders, klommen we hen voorbij op de maatschappelijke ladder. We zijn aan het eind van de ladder! Wat nu? Wat boeit nog?

Dan kom je vanzelf bij vragen naar de zin van dit alles. Je staat op de top en vraagt je af: Wat nu? Een zingevingvraag. De kerk heeft geen antwoord, want daar komen we nauwelijks meer. Terugvallen op de stevigheid en veiligheid van je familie valt ook tegen met al die samengestelde gezinnen. ‘Extended family’ dan? Die stellen vooral goedbedoelde vragen in de trant van ’Wat ga je er zelf aan doen?’ Boeiend, denk je dan.

Teruggeworpen op onszelf. Vraag het aan een trendwatcher, Justine Marseille van The Future Institute. “We hebben een dak boven ons hoofd en voldoende eten. We vinden het leuker om kennis bij te dragen en ons te kunnen ontwikkelen, dan om alleen maar geld te verdienen. Onze zelfverwezenlijking is belangrijker geworden dan het hebben van dingen. We willen daarom van een ander horen wat we waard zijn.” Daar valt een interessant woord: Waard. Dat zou wel eens een toverwoord kunnen worden. Waard, waarde, waarden - boeiende begrippen.

‘What is a cynic? A man who knows the price of everything and the value of nothing.’
zei Oscar Wilde. Steeds meer mensen hebben geen zin om een cynicus te worden. Geen zin om het spel mee te spelen. Opeten of opgegeten worden. De vlucht naar voren. Groot, groter grootst. Werken voor de anonieme aandeelhouder. Die ‘jouw’ bedrijf zomaar kan verkopen aan de hoogste bieder. Of rennen voor een topman wiens grootste risico is dat zijn ego gekwetst wordt. Omdat zijn vertrekbonus niet zo groot is als die van zijn golfmaatje. Inderdaad, waar gaat het nog over?

Er is een omslag gaande. Van prijs naar waarde. Toegegeven, het is een luxepositie, het is ongelofelijk elitair... maar we hebben het met z’n allen zo goed dat steeds meer mensen zich kunnen veroorloven hun aandacht te verschuiven van prijs naar waarde. Het is ook mentaliteitsontwikkeling. Vergelijk het met het groeiende aantal kinderen dat welbewust geen vlees meer wil eten. Daar kun je tegen zijn, het onverantwoord vinden, zelfs ongezond... het maakt niet uit, het zijn er steeds meer. En dat is boeiend.

Wat moet je hiermee? Maar accepteren dat je organisatie vergrijst? Grijzer wordt in alle opzichten: ouder, saaier en suffer? Of kom je in aktie? Wil je dit niet meemaken! Gaat het jou niet gebeuren!? Misschien helpt dit dan. Het is een hartekreet van Iro Evangelou, een goed opgeleide, ambitieuze jonge vrouw. Het zijn flarden en fragmenten uit haar Open Brief aan de Nederlandse Werkgever:

“Wat ik je in http://www.blogger.com/img/gl.link.gifessentie wil vragen is (...) meer in gesprek met me te raken. (...) Wat me opvalt, is dat je het steeds lastiger vindt om iets over jezelf te vertellen. Hoe groter je wordt, hoe moeilijker het lijkt te zijn. Je woorden worden wolliger en je ambities vager. (...) Ben je bereid vragen te stellen en nieuwsgierig te zijn naar mijn antwoorden? Denk je echt dat ik alleen geïnteresseerd ben in salaris of in een leasebak? Of dat ik wil presteren om het presteren? (...) Wat ík nodig heb, is iets anders dan mijn collega. Zou het niet mooi zijn als er wat flexibiliteit in je voorwaardenpakket zou komen? (...) Ik wil je vragen mij niet meer in een hokje te stoppen (...) Binnen zo'n hokje verlies ik snel mijn eigenheid. Ik volg namelijk dezelfde opleidingen, doorloop dezelfde procedures en doe dezelfde (soorten) projecten en klussen als alle anderen. Hoe houd ik dan vast aan mijn authenticiteit? (...)”

Zo’n vrouw kan van grote waarde zijn. Als ze zich naar waarde geschat voelt. Durf je dat aan? Iedereen behandelen zoals je zelf behandeld zou willen worden? Persoonlijk, betrokken? Gezien en gewaardeerd? ‘Bij je vader voel je de hoogachting’ zei iemand een keer tegen Anselm Grün over diens vader. Voor Grün werd het een leidraad: ‘En het was altijd een vraag voor me of de mensen zich door mij hooggeacht voelden.’ Anselm Grün leidt de Benedictijner abdij van Münsterschwarzach in Beieren. Veel novicen. Boeiende man.

Dit artikel verscheen - in ietwat gewijzigde vorm - in het Tijdschrift voor Management Development (jaargang 16, nummer 1, voorjaar 2008)

maandag, februari 11, 2008

Zin!Posium, nu ook in company

Het Zin!Posium is een halfjaarlijks evenement. Het is ontstaan vanuit en rond de lezers van het boek Zin! Leidinggeven aan jezelf en anderen. Er was behoefte om elkaar te ontmoeten en om ervaringen uit te wisselen. Kijk hier voor een impressie van het eerste Zin!Posium op 1 november 2007 bij Seats2Meet in Utrecht.

Het eerstvolgende Zin!Posium vindt plaats op donderdag 29 mei 2008 bij Meeting Plaza in Maarssen. Het wordt weer een mix van presentaties in de middag en workshops in de avond met rond zes uur een tapas buffet. Er worden dit keer enkele honderden deelnemers verwacht. Binnenkort meer informatie!

Het Zin!Posium kent nu ook een in company variant. Dan vindt het evenement plaats binnen de muren van een bedrijf of organisatie. Daar geldt hetzelfde concept: verkennende presentaties in de middag, verdiepende workshops in de avond en een lopend buffet ertussen in.

Om het een echt Zin!Posium te laten zijn hanteren we bij een in company Zin!Posium enkele eenvoudige uitgangspunten:
- Deelname is op vrijwillige basis
- Het staat open voor alle medewerkers
- Het draait om samen werken en leren van elkaar
- Zelf doen en ervaren staat centraal - met hoofd, hart en handen

Ontdekken hoe leuk het kan zijn om samen te werken aan een betere organisatie, meer zin krijgen in je werk en ontdekken hoeveel je van elkaar kunt leren: dat gebeurt bij een in company Zin!Posium – de opzet is uitnodigend, de sfeer is ongedwongen.

Je kunt presentaties bijwonen en workshops volgen - allemaal kort en indringend, met titels als:
- Doe normaal!
- Open je oren
- Tussen droom en daad
- Kaders geven ruimte
- Intuïtie & talent
- Jij en je pit
- Geld!


Een in company Zin!Posium is compleet verzorgd. Het enige waar het bedrijf of de organisatie nog voor hoeft te zorgen is de ruimte, bijv. het bedrijfsrestaurant.

Het in company Zin!Posium is een gezamenlijke onderneming van André Meiresonne en Lorraine van Beeck. Meer weten over de mogelijkheden bij jouw bedrijf of organisatie? Mail dan lorrainevanbeeck@casema.nl

De boerka – niks verbod, mogen weigeren!

Het boerkaverbod: hoe de politiek van een maatschappelijk verschijnsel een probleem maakt. Want er is helemaal geen probleem.

Het enige dat hoeft te gebeuren is dat iemand met een boerka geweigerd mag worden, net als ieder ander waarvan identiteit niet duidelijk waarneembaar is. Het kan gaan om een boerka, maar even goed om een bivakmuts, integraalhelm of palestijnensjaal.

Iemand die zich zo kleedt moet je kunnen weigeren omdat je niet ziet wie het is. Op school: in de les of voor de klas; in de bus, de tram of in de trein: als reiziger, bestuurder of conducteur; in de supermarkt: als klant of achter de kassa; en vanzelfsprekend als ambtenaar. Maar evengoed op een evenement, behalve als het een gemaskerd bal is.

Weigeren zonder dat hij of zij een beroep kan doen op ‘Discriminatie!’ Toestemming om te weigeren in plaats van een verbod om te dragen. Want je hoeft geen boerka te dragen. Dat is een keuze. En keuzes hebben in ons land, een vrij land, consequenties. Een verbod om iets te mogen dragen roept alleen maar weerstand op, en niet alleen bij moslims.

De vrijheid om mensen te mogen weigeren maakt duidelijk dat je alle recht hebt om iets te dragen maar dat je niet moet zeuren over de gevolgen ervan. Dat is alles. Dan is er ineens ook geen probleem. Dan is er ook geen verbod nodig. Alleen maar toestemming om iemand die niet wil laten zien wie hij of zij is te weigeren, waar dan ook.

‘Sorry, u mag er hier niet in want ik kan niet zien wie u bent.’ Zo simpel? Zo simpel!

(Verschenen als ingezonden brief in NRC Handelsblad op zaterdag 16 februari 2008)

zondag, februari 10, 2008

De verkeersdrempel - een waar gebeurd verhaal over regulering: is het verzadigingspunt bereikt?

Nederland kent niet alleen veel regels, maar blinkt ook uit in een andere vorm van regulering. Fysieke verkeersregulering door middel van paaltjes, stoepranden, drempels die moeten voorkomen dat mensen zelf bedenken waar ze zullen rijden en dus ook van het rechte pad zouden kunnen afwijken. We kennen allemaal de straten en rotondes die zover volgelegd zijn met stoeptegels en randen dat er nog maar één smalle rijbaan overblijft. En dan is er de plaag van de verkeersdrempels. Daarover gaat dit waar gebeurd verhaal. Is het verzadigingspunt is bereikt?

Een sportieve rijksambtenaar rijdt op een avond in het donker naar huis. Hij fietst van een bijeenkomst in de ene stad en naar zijn huis in de andere stad. Inderdaad, Den Haag. Hij is een betrokken man, heeft idealen over een betere wereld en probeert daar in zijn werk ook vorm aan te geven. Met groot uithoudingsvermogen en bovenmenselijk geduld zet hij zich in voor meer welzijn en geluk voor ons allemaal. Stapje voor stapje ziet hij dat dichterbij komen. Wetten, regelingen, afspraken en convenanten zijn voor hem manieren om oplossingen voor grote en kleine politieke en maatschappelijke problemen binnen bereik te brengen. Hij weet: nota’s schrijven en beleid ontwikkelen is een, het ook nog uitvoeren is twee. Dus hij heeft ook ideeën over slimme implementatie van beleid.

Deze man fietst in het donker over een ventweg langs een vaart. Zijn fietslicht brandt want hij is behalve een betrokken ook een nette en oppassende burger. Vanaf de andere kant nadert een bromfiets, ook met licht op. Ze komen tegelijkertijd aan bij een verkeersdrempel. Die drempel is uiteraard bedoeld om de snelheid van het verkeer, en met name auto’s, af te remmen. Er wonen namelijk mensen langs die weg, en die hebben kinderen etc. De verkeersdrempel is niet over de volle breedte even hoog: naar de zijkant loopt hij af waardoor de drempel meer op een heuvel lijkt. Wat doet de bromfietser? Je hebt het vast wel eens gezien. Die remt niet af maar gaat er omheen. Niet, zoals je zou verwachten, rechtsom, maar linksom! En daar reed onze Haagse held...

Hij kreeg de bromfietser frontaal op zich. Knie open. Hij heeft twee weken met krukken gelopen. Het viel eigenlijk nog mee. Het had heel wat slechter af kunnen lopen. Het brengt mij op de volgende gedachte. Deze verkeersdrempel is daar ongetwijfeld met de beste bedoelingen aangelegd. Misschien was er wel een ongeluk gebeurd omdat er te hard werd gereden. Of mensen waren bang dat zoiets zou gebeuren. Maar nu is er ook een ongeluk gebeurd. Een ongeluk dat nooit had plaatsgevonden als die drempel er niet gelegen had. Gek idee. Zou het zo kunnen zijn dat we een verzadigingspunt bereikt hebben in Nederland? Dat nog meer goedbedoelde regulering zich tegen ons gaat keren? Dat de toch al afnemende meeropbrengst nu omslaat in zijn tegendeel? Dat nog meer goedbedoelde regulering zelfs leidt tot onbedoelde ongelukken?

zaterdag, februari 02, 2008

Vermoorden scholen de creativiteit van onze kinderen?



Vermoorden scholen de creativiteit van onze kinderen? De vraag stellen is hem beantwoorden. Kijk en oordeel zelf. Pedagoog Sir Ken Robinson, precies een jaar geleden in Monterey, California. Nog even actueel. Twintig minuten food for thought.

zondag, januari 27, 2008

Obama: Yes. We. Can.

Barack Obama, na Iowa nu South Carolina. Alweer kippenvel. Of hij de nominatie nou gaat winnen of niet, dit gaat over overtuigingskracht. Geloof in jezelf en de mensen om je heen.

Ik weet niet of hij betrouwbaar is. Bestaan er betrouwbare politici? Is dat mogelijk, integriteit in de politiek? Ik weet het allemaal niet. Ik weet wel dat dit mij raakt. "Yes we can." Drie woorden. Van een bevlogen man. En een zaal die dat ook vindt, gelooft, met hem.

We zullen zien. Misschien bestaat het echt. Misschien is cynisme inderdaad de grootste vijand. En zijn twijfel en angst dodelijk: niet durven geloven waartoe we in staat zijn, als we echt willen. Hij durft het in elk geval. Respect. Hieronder de tekst van het laatste deel van de speech.



The choice in this election is not between regions or religions or genders. It’s not about rich versus poor; young versus old; and it is not about black versus white.

It’s about the past versus the future.

It’s about whether we settle for the same divisions and distractions and drama that passes for politics today, or whether we reach for a politics of common sense, and innovation – a shared sacrifice and shared prosperity.

There are those who will continue to tell us we cannot do this. That we cannot have what we long for. That we are peddling false hopes.

But here’s what I know. I know that when people say we can’t overcome all the big money and influence in Washington, I think of the elderly woman who sent me a contribution the other day – an envelope that had a money order for $3.01 along with a verse of scripture tucked inside. So don’t tell us change isn’t possible.

When I hear the cynical talk that blacks and whites and Latinos can’t join together and work together, I’m reminded of the Latino brothers and sisters I organized with, and stood with, and fought with side by side for jobs and justice on the streets of Chicago. So don’t tell us change can’t happen.

When I hear that we’ll never overcome the racial divide in our politics, I think about that Republican woman who used to work for Strom Thurmond, who’s now devoted to educating inner-city children and who went out onto the streets of South Carolina and knocked on doors for this campaign. Don’t tell me we can’t change.

Yes we can change.

Yes we can heal this nation.

Yes we can seize our future.

And as we leave this state with a new wind at our backs, and take this journey across the country we love with the message we’ve carried from the plains of Iowa to the hills of New Hampshire; from the Nevada desert to the South Carolina coast; the same message we had when we were up and when we were down – that out of many, we are one; that while we breathe, we will hope; and where we are met with cynicism, and doubt, and fear, and those who tell us that we can’t, we will respond with that timeless creed that sums up the spirit of a people in three simple words:

Yes. We. Can.

maandag, januari 14, 2008

Op elkaar schieten in Afghanistan, een verhaaltje voor het slapen gaan

Nederlandse militairen in Afghanistan hebben kinderen in Nederland. En die kinderen maken zich zorgen over hun vaders. Of ze wel levend terugkomen. Daarover chatten ze op MSN. Taliban strijders hebben misschien ook wel kinderen. En hun kinderen hopen misschien ook wel dat zij weer thuiskomen. Vaders vechten tegen vaders. En hun kinderen zijn bang.

Laatst op tv, twee Nederlandse meisjes. Hun vaders zijn in Kamp Holland. Die vechten in Uruzgan tegen de Taliban. Foto’s van de meisjes hangen in hun barak. De meisjes missen hun vaders. Ze vinden het spannend en ze zijn bezorgd. Komt papa weer veilig thuis? Want hij kan zo maar dood zijn. Of geen benen meer hebben.

Op het journaal zie je af en toe hoe het daar toegaat in die oorlog tussen de NAVO en de Taliban. Nederlandse en Afghaanse soldaten vechten tegen Afghaanse opstandelingen. De gevechten spelen zich af in het veld, maar ook in boomgaarden en tussen de huizen. Want daar kunnen schutters zich goed kunt verschansen.

Laatst zijn Nederlandse soldaten beschoten vanuit huizen langs de weg. Ze schoten terug. Twee Afghanen werden gedood en vijf raakten gewond. Een van de twee doden is een kind. Hoe oud het kind is weten we niet. Ook drie van de vijf gewonden zijn kinderen. Die worden nu verzorgd in het hospitaal van Kamp Holland.

In Afghanistan kun je ook beschoten worden door je eigen vrienden: ‘friendly fire’. Net weer gebeurd. Dat gaat per ongeluk. Er wordt op je geschoten omdat iemand denkt dat jij de vijand bent. Dan schiet je terug. En kan het zijn dat je iemand doodschiet die je kent. Dat is erg. Misschien heb je er net nog mee gepraat. En nu is ie dood.

Wat zou er gebeuren als alle soldaten en strijders die nu op elkaar schieten elkaar zouden kennen? Zouden weten dat de ander familie en vrienden heeft. Misschien wel kinderen? De foto’s ervan gezien hebben, weten hoe ze eruit zien en hoe ze heten. Misschien wordt elk vuurgevecht dan ‘friendly fire’. En is elke dode erg. Aan welke kant die ook valt.

vrijdag, januari 04, 2008

Obama, alsof hij al president is

Alsof hij al (bijna) president is, wat een lef, en wat een overtuigingskracht: Barack Obama na de gewonnen voorverkiezing in Iowa. "Together, ordinary people can do extraordinary things!"

Veertien fascinerende en soms aangrijpende minuten met een man die gelooft in zichzelf, zijn omgeving, zijn land. Iemand die praat vanuit zichzelf en daar anderen bij betrekt. Een verbinder die vertrouwen in mensen uitdrukt, zonder naïef te lijken.

,,Op deze avond in januari, op dit beslissende moment in de geschiedenis, hebben jullie datgene gedaan waarvan de cynici zeiden dat we het niet konden. Dit is het einde van de politiek van de angst, het begin van de politiek van de hoop.''

"For many months, we’ve been teased and even derided for talking about hope. But we always knew that hope is not blind optimism. It’s not ignoring the enormity of the task ahead or the roadblocks that stand in our path. It’s not sitting on the sidelines or shrinking from a fight. Hope is that thing inside us that insists, despite all evidence to the contrary, that something better awaits us if we have the courage to reach for it, and work for it, and fight for it."

vrijdag, december 21, 2007

Ondernemende weldoeners, de echte politici van het jaar

Fijne dagen! Nu is Geert Wilders, tot verbijstering van velen, ook nog politicus van het jaar. Misschien is het hele gedoe rond hem als volgt samen te vatten: Wilders vertelt alleen maar wat heel veel mensen denken en vinden, verbeeldt hun onvrede. Mensen die zich vaak onmachtig voelen om zich te redden in een steeds complexere wereld. Hij verwoordt hun onmacht. Eenvoudige wereldbeelden, vol van tegenstellingen, weinig gelaagdheid – en veel woede en angst.

Moeten wij Wilders kwalijk nemen dat hij verwoordt wat er leeft in onze samenleving? Misschien kunnen we ons beter realiseren dat minstens 15, maar wellicht zelfs 20 tot 30 procent van onze landgenoten er dit soort gedachten op na houdt! Dat kun je genant vinden, verwerpelijk etc, maar dat helpt niet, ze gaan er niet anders van denken want het is nu eenmaal hun beleving. Knappe debatten, slimme discussies, elkaar betwisten leidt alleen maar af van wat er nodig: respect voor en betrokkenheid bij deze mensen.

Mensen die gewoon op straat lopen, je buren zijn, waarmee je bij de kassa en in de tram staat. Mensen die zich grote zorgen maken over de toekomst en slechte ervaringen hebben in het verleden. Mensen die geen idee hebben hoe ze hun dagelijkse problemen in hun eentje op moeten lossen. En godzijdank, daar is dan Wilders, of Verdonk - ook al politicus van het jaar, in een andere verkiezing - of Marijnissen: mensen die eindelijk eens zeggen waar het op staat. Dat het zo niet langer gaat. En daar ook begrijpelijke, eenduidige oplossingen voor hebben.

Alleen iemand die begrip voor de positie (aan de kant) en het wereldbeeld (bedreigd) van de extreem links of rechts stemmende mensen weet te paren aan wijsheid en ervaring kan hun vertrouwen winnen. En misschien is dat onze frustratie: geen van de nette, verstandige, bevlogen mensen waar andere zich idem dito voelende mensen op stemmen kan dat echt en goed, tot nu toe. Progressief en/of liberaal, sociaal en/of christelijk, het maakt niet uit.

Zijn we gewoon boos op onszelf? Boos dat we met al onze academische intelligentie en verstandige ervaring een groot deel van die mensen niet kunnen bereiken? En Geert Wilders en andere populisten wel? Als ik Geert en consorten was zou ik van ‘populist’ een geuzennaam maken: zij begrijpen in ieder geval van binnen uit wat er leeft onder massa’s mensen. Ze bieden geen oplossingen die werken, but who cares? Wel een uitlaatklep voor de frustraties van massa’s mensen.

De populisten bestrijden is allemaal afleiding. Misschien kunnen we onze energie beter steken in praten en werken met degenen om wie het gaat: mensen die het niet zo goed getroffen hebben, die weinig perspectief hebben, die het allemaal teveel is. Hen vragen hoe we ze kunnen helpen, waar ze behoefte aan hebben. Gewoon een menselijk gesprek en daarin ook durven zeggen dat het echt nooit meer wordt zoals het was (en waarschijnlijk nooit geweest is). ‘Hou op met sentimenteel doen, en met anderen de schuld te geven’.

Als we onze intelligentie nou eens gebruiken om met echt slimme oplossingen komen? En ons vooral niet vergissen in wat er allemaal aan energie aanwezig is. Energie die nu vaak negatief is. Diezelfde energie kan ook positief worden. Als we die nou eens aanboren. Kijk naar alle initiatieven die er zijn in buurten, op scholen, in de zorg. Stuk voor stuk afkomstig van betrokken mensen die niet wachten en klagen. Ondernemende weldoeners die niet bezig zijn met Wilders: dat zijn voor mij de politici van het jaar.

donderdag, december 13, 2007

Geert Wilders mag zeggen wat hij wil, graag zelfs

‘Gekker moet het niet worden’, hoor je vaak als Geert Wilders wat gezegd heeft. En hup, daar gaat hij er met een volgende uitspraak alweer overheen. Iedereen nog hoger in de gordijnen. Een verbod op de Koran, en de bouw van moskeeën: je moet er maar op komen. Binnenkort een verbod op moslims? ‘Walgelijk’, ‘misselijkmakend’ en ‘abject’ zin inmiddels standaardreacties. En laatst dan ‘Wilders is het kwaad en dat kwaad moet gestopt worden’. Weer is iemand er ingestonken. Wilders moet zich een hoedje lachen, elke keer weer.

Laat Geert Wilders alsjeblieft alles zeggen wat hij wil. En laat hij zich vooral niet inhouden. Dan weten we tenminste wat hij vindt. En niet te vergeten wat zijn kiezers vinden. Toevallig wel honderdduizenden mensen, misschien nog wel veel meer. Allemaal mensen die net als Wilders vinden dat er veel te veel moslims zijn, en veel te veel moskeeën. Mensen die vinden dat het de verkeerde kant op gaat met Nederland en echt denken dat dat door ‘de buitenlanders’ komt. Mensen die boos zijn, bang zijn en anderen de schuld geven.

Wilders is volksvertegenwoordiger en dat neemt hij heel letterlijk: ‘Ik vertolluk, ik vertolluk, de gevoelens van het volluk..!’ Natuurlijk, het is verstandiger om af en toe je mond te houden. En het is wijzer om alleen iets te zeggen als het iets toevoegt. Maar een beroep op wijsheid werkt blijkbaar niet. En ingetogenheid is zo te merken niet aan de orde. Dan kunnen we het ook andersom doen. Over de top. Misschien werkt dat wel.

Ik zou zeggen: ‘Geert, leef je uit! Gooi alles wat je dwars zit eruit. Loop volkomen leeg. Niet steeds een beetje erger. Nee, nu graag, de hele emmer. Houd je niet in, wees alsjeblieft niet fatsoenlijk of parlementair. Neem je ruimte in het parlement, gebruik de vrijheid van meningsuiting. Knal eruit wat je allemaal dwars zit. Over alles en iedereen. Want het kan maar duidelijk zijn.’ Misschien gebeurt er dan iets.

Misschien dat kiezers dan afhaken: te veel, te erg. En misschien denkt hij dan zelf ook een keer: ‘Nou is het wel genoeg geweest’. Tenminste, dat is mijn ervaring. Dat mensen zich van je afwenden. Dat ze je zat zijn en dat je dan ook jezelf zat wordt. Want in je eentje op anderen schelden is niets aan. Dat houdt een keer op. En dan kun je er achter komen dat het niet over anderen gaat... maar over jezelf. Dat je boos bent op jezelf. Boos dat je zo bang bent. Boos over je eigen onmacht. Boos dat je niet in staat bent om je eigen leven te leiden. Boos omdat je niet weet hoe je gelukkig kunt zijn.

Dan kun je er ook achter komen dat je, in al je boosheid op jezelf, anderen bang en boos maakt. En als je begrijpt dat je eigenlijk boos bent op jezelf wil je anderen ook niet meer bang en boos maken. Maar dan moet je eerst wel boos genoeg geweest zijn. Spit it out! Knal het eruit! Het helpt. En voor degenen die dan de volle laag dreigen te krijgen: Bukken! Ga de stront van een ander niet opvangen. Weet dat het niet over jou gaat. Iemand is boos op zichzelf. Net als heel veel anderen. Allemaal onmacht.

zondag, december 02, 2007

'Kan niet, dan krijg ik kamervragen...' Zeg de dingen als ze gezegd moeten worden!

Zaterdag 24 november 2007, Rotterdam. De manifestatie 'Eén land, één samenleving'. Een paar honderd zo op het oog verstandige mensen, en zo te zien van allerlei achtergrond. Tenminste, ik zie nogal wat verschillende kleuren - kleuren die je normaal gesproken wel op straat ziet, zeker in de Randstad, maar niet op een conferentie. Daar is de gemiddelde kleur meestal wat blanker.

Een mooi uitgewogen programma, zonder extremen. Een en al redelijkheid. De burgemeester van Rotterdam, drie hoogleraren - Tariq Ramadan, een gematigde Zwitserse moslim, Pauline van Meurs, een PvdA'er uit de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en Anton Zijderveld, een CDA'er – en een oud vice-premier van de VVD houden interessante en intelligente verhalen over integratie. De teneur is 'laten we, ondanks alle verschillen, toch vooral proberen samen te leven'. Lovenswaardig streven. Natuurlijk weer niet zo makkelijk als het lijkt: Zijderveld, emeritus professor in de sociologie, probeert ten koste van Irene van Lippe-Biesterfeld ('verwarde prinses die met bomen praat') grappig te zijn. Best lastig, echt tolerant zijn. En niet moeilijk, flauwe grapjes over iemand die er niet bij is, met spirituele ervaringen waar je zelf blijkbaar geen weet van hebt.

De rij sprekers wordt afgesloten door Hans Dijkstal, mede-organisator en inspirator van de manifestatie en bijbehorend manifest. Een vlammend betoog. Zo heb ik hem nog nooit gehoord. Associeer hem toch meer met ontspanning en jovialiteit. Op de bres voor tolerantie in onze samenleving. Echt heftig wordt hij als het gaat om bescherming van minderheden. Democratie betekent niet zozeer dat gebeurt wat de meerderheid van het volk wil, maar vooral dat minderheden beschermd worden tegen de wil van die meerderheid. Daar hebben we grondrechten voor. Om te beginnen artikel 1 van de Grondwet: het gelijkheidsbeginsel, en het verbod op discriminatie. En, zo ging Dijkstal verder, laat nou er recent nou iemand geweest zijn die dat nou juist wilde afschaffen. Het F-woord viel nadrukkelijk niet, maar iedereen begreep: dit gaat over Pim Fortuyn (die zich eind 2001 in de Volkskrant liet verleiden tot zijn uitspraak over het afschaffen van artikel 1). Dijkstal windt zich merkbaar op over iedereen die niet begrijpt hoe die rechten zijn verworven en ten koste van welke offers. Vanuit de zaal klinkt instemming en applaus. Dan is het pauze. Buiten de zaal hoor ik iemand, zo te horen een echte Rotterdammer, zeggen: ‘Als-ie dat toen nou eens gezegd had..!’

Ik wil er meer van weten. Want Hans Dijkstal was in 2001, toen Pim Fortuyn aan zijn opmars begon, niet alleen leider van de VVD maar ook Minister van Binnenlandse Zaken (die gaat over de Grondwet) en vice-premier in het tweede kabinet Kok. In de lunchpauze loop ik hem tegen het lijf.
'Hoe komt het dat u dit zes jaar geleden, toen Fortuyn opkwam, niet zo uitgesproken, duidelijk en heftig hebt gezegd?'
Dijkstal antwoordt: 'Ik doe het nu!'
'Ja, dat hoor ik, en daar ben ik van onder de indruk. Maar wat zou er gebeurd zijn als u dat toen had gedaan?'
'Daar had ik toen de vrijheid niet voor!'
'Hoezo niet? Waarom hebt u die vrijheid niet genomen?'
'Dan had ik kamervragen gekregen'
'Nou en?'
'Dan was mij gevraagd of dit het standpunt van de regering was!'
'Ja, en?'
Dan moet hij verder. Ik blijf in een mengeling van bewondering, verwarring en verbijstering achter.

De man die eind 2001 nog uitzicht had op het komende premierschap zegt dat hij toen niet zo expliciet als nu op kon komen voor onze grondrechten. Omdat hij bang was voor kamervragen. Daar had hij de vrijheid niet voor... Ik begrijp het niet meer. Daar ben je toch juist minister voor?! Wat zou er gebeurd zijn als iemand van zijn kaliber (intelligent, welbespraakt, populair) en zijn positie (minister, vice-premier, partijleider) in alle oprechtheid, zoals nu, stelling had genomen tegen de al te rabiate uitspraken van Fortuyn? We zullen het nooit weten.

Ik weet nu wel een ding: Zeg de dingen op tijd, als ze gezegd moeten worden. Niet als het kwaad al geschied is, en het leed geleden. Dat brengt mij bij de vraag: Wat heb ik nu te zeggen dat ik nu niet durf te zeggen omdat ik denk dat ik er nu niet de vrijheid voor heb?

vrijdag, november 30, 2007

Steeds gekker, straks komt er een verbod op neuspeuteren

De staat bemoeit zich steeds meer met ons dagelijks leven. Onder invloed van de moraalridders mag binnenkort niemand meer van zijn eigen fouten leren. Zaterdag 29 december j.l. in de bijlage 'de Verdieping' van dagblad Trouw. Geniet, nu het nog kan!

De verzorgingsstaat verandert langzaam maar zeker en heel ongemerkt in een bemoeistaat. Een staat waarin niets meer mis mag gaan. Waarin iedereen beschermd wordt, tegen een ander en vooral tegen zichzelf. Omdat een steeds grotere meerderheid dat wil. Een staat waarin niets meer fout mag gaan. Waarin je niets meer leert omdat je geen fouten meer kunt maken. Domme dingen doen is binnenkort uitgesloten. Waarin langzamerhand alles verboden raakt wat onaangepast of ongezond is - wat volgens steeds meer mensen hetzelfde is.

De burgers nemen het over, dit is de nieuwe burgerlijkheid. Die burgers hebben het beste met zichzelf en anderen voor. Ze doen het waarschijnlijk met de beste bedoelingen. Het komt vast voort uit oprechte bezorgdheid. Alleen heb ik er nooit om gevraagd. Ik heb er ook geen enkele behoefte aan. Ik bepaal liever zelf wat goed voor me is. Daar heb ik echt geen politiek, overheid en staat voor nodig. Ik wil graag mijn eigen leven kunnen leiden. In de dubbele betekenis: mijn eigen gang kunnen gaan en mezelf leiding geven. Daar heb ik niemand anders voor nodig. En zeker niet de overheid. Ik heb het recht om domme dingen te doen. Want dat is het enige waar ik echt iets van leer. En ik geloof dat ik niet de enige ben. Mensen leren van vallen en opstaan. Vanaf dag één. En dan kun je maar beter ouders hebben die je niet overal voor proberen te behoeden. En het omgekeerde is nu gaande.

Want wat staat al op de rol? Niet meer roken in de horeca. Paddo’s illegaal. Kraken verboden. Steeds verzint een welwillende burger in de Kamer of op een departement weer iets nieuws. Er vindt een incident plaats en de reactie is: ‘Zo gaat het niet langer!’ Een megareclamebord met een mevrouw in haar ondergoed. Een Frans meisje springt van een brug. Krakers zetten een val. Een puber drinkt zich in een coma. Een aanleiding om iets aan te pakken waar veel mensen zich allang aan ergeren, of erger nog, bang voor zijn. 'Zo gaat het niet langer!' 'Er gaan nog doden vallen!' Mensen moeten tegen zichzelf en elkaar beschermd worden, en daar gaat de overheid voor zorgen!

Het wachten is op een verbod van heftige computerspellen waarin je al je agressie kunt uitleven (Helemaal het verkeerde voorbeeld, brengt je maar op verkeerde ideeën). Niet meer dan tien procent blote huid op posters in bushokjes (Kunnen kinderen niet tegen). Een verplichte fietshelm voor elke fietser (Laatst is er nog een minister gevallen). Kleuters die vieze spelletjes doen direct melden bij jeugdzorg (Je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn!). Een rookverbod binnenshuis (Natuurlijk, voorlopig alleen als je kinderen hebt). En dan in het park natuurlijk ook een rookverbod (Vogeltjes roken ook mee!). In het bos plassen mag ook niet meer (Heel zuur, kunnen bomen niet tegen!). Tatoes en piercings, daar moet ook maar eens iets aan gebeuren (Zo intimiderend, zo eng!). Met als sluitstuk een verbod op neuspeuteren in de auto (Vies! Gevaarlijk! Niet handsfree! Zo onsmakelijk voor je medeweggebruikers!). Dan is alles onder controle, dan kan er niets meer fout gaan.

We zijn hard op weg naar een dodelijke combinatie van diepe burgerlijkheid en totale controle. De jaren ’50 en '1984' ineen. De gordijnen dicht en voor het donker thuis. Goedbedoelende christenen, Vinex moraalridders en emanciperende moslims vinden elkaar in nieuw burgermansfatsoen. Voor hen leefbaar, want het spoort met hun waarden. Maar het maakt anderen onvrij en het land juist minder leefbaar. Daar hebben ze geen idee van, verblind als ze zijn door hun zendingsdrang en hun beste bedoelingen. Het is bovendien de dood in de pot. Dit is nog eens het land op slot! Maar misschien heeft het ook z’n aantrekkelijke kanten. Kun je eindelijk lekker weer eens iets doen dat verboden is! Net als vroeger. Omdat het niet meer mag. Want zoals mijn kinderen zeggen: Als het niet mag is het juist leuk om te doen!

vrijdag, november 16, 2007

Vervelia's en de liefde

(Maandag 19 november 2007 in het Financieele Dagblad)

"Het beeld dat Paul Schnabel onlangs in zijn column 'Hatemail' schetste van boze Nederlandse mannen herken ik. Als directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau in Den Haag schreef hij eind oktober in deze krant ondermeer: 'Nauwelijks hadden we op het journaal verteld dat Nederlanders in het algemeen heel gelukkig zijn in hun persoonlijk leven, of de hatemail stroomde weer binnen'.
Als management trainer kom ik ze tegen. Ik noem ze 'Vervelia's'. Ze stralen onmacht en teleurstelling uit. Ze zijn kampioen zichzelf voor de gek houden. Het ligt allemaal aan een ander.
'Hullie' ligt hen in de mond bestorven. Ze hebben geen idee hoe ze leiding kunnen geven aan hun eigen leven. Ze weten dat ze weinig bijdragen en zijn doodsbang voor verantwoordelijkheid. Oprechte aandacht is meestal het enige dat dan werkt.
Soms ontdekken ze groter te zijn en meer te kunnen dan ze dachten, en hen vroeger verteld is. Dan kunnen ze ophouden met zich groot houden en een grote mond te hebben.
Misschien hebben ze nooit de aandacht en de liefde gekregen die we allemaal nodig hebben. Dat gaat zo van generatie op generatie. In Amsterdam-West, en evengoed in het Gooi. Tot iemand zegt: 'Ik wil het anders'.
Maar nu? Anders opvoeden? Veel te beperkt. Anders grootbrengen! Heel liefdevol. Maar dat kun je niet regelen. Wat dan rest is het onderwijs. Veel aandacht en vooral heel veel liefde. Dan lopen we aan tegen de grenzen van de politiek. Want hoe maak je voor liefde budget vrij."

Tot zover mijn ingezonden stuk in het FD. Omdat ik zelf een ontzettende Vervelia kan zijn durf ik dit te schrijven. Tegelijkertijd met enige schroom. Want echt aandacht geven, oprechte betrokkenheid tonen: ik vind dat ongeveer het moeilijkste wat er is. Dat is voor mij echt hogeschool. Thuis en in m'n werk. Misschien ben ik daarom wel trainer geworden? Omdat ik het wil leren? Omdat ik dan wel moet, tenminste als ik een goeie trainer wil zijn? 'While we teach, we learn', om Seneca aan te halen? Dat hoop je dan! Of is Oscar Wilde meer van toepassing: 'Everybody who is incapable of learning has taken to teaching'. Ik hou het toch maar op Maria Montessori: 'Ons spelen is ons leren'. Dingen durven zeggen, misschien wel domme dingen. Om van te leren. En: nooit te oud om te leren. Is dat nou 'leven lang leren'?

En dan de liefde - als doorgang, als oplossing, misschien zelfs als verlossing. De liefde is niet te vangen, en zeker niet in geboden en verboden. Liefde doe je: 'Houden van is een werkwoord'. We weten allemaal het verschil tussen liefdevol en liefdeloos. En wat we het liefste zouden willen. Maar als ik op de dag terugkijk en mezelf de vraag stel: 'Wat was nou echt liefdevol van wat ik vandaag gedaan heb?', dan kom ik meestal niet zo ver. Ach, het was zeker niet allemaal liefdeloos, maar echt liefdevol? Dat is toch een andere categorie. Eredivisie. Zo kan ik ook kijken naar het stukje hierboven in het FD. Is dat nou liefdevol? Of gewoon mijn frustratie over mensen die ik niet kan bereiken? Wie het weet mag het zeggen!

Ik heb het geluk gehad mensen tegen te komen die het geduld hadden om zo'n eigenwijs stuk vreten als ik te begeleiden en iets te leren. Natuurlijk, ik wilde ook leren. Maar dat kwam pas met de jaren. Toen tot mij doordrong dat het zo niet langer ging. En ik gelukkig nog net genoeg krediet had. Niet meer bij de bank, wel bij sommige mensen. Zulke mensen zou ik iedereen toewensen. En over de bank gesproken: instituties kunnen daarbij niet helpen, hoogstens voorwaarden scheppen. Soms door pijnlijke dingen te doen. De bank kan je krediet stopzetten, de overheid je uitkering. Dat kan helpen, het onomkoombare wordt pijnlijk duidelijk: het enige wat er op zit is veranderen. Dan heb je mensen nodig die belangenloos, zonder agenda iets voor je doen. Mensen met een groot hart.

zaterdag, november 10, 2007

Trek een lange neus naar alle klagers

We hebben in Nederland de gelukkigste kinderen. En we hebben de rijkste armen ter wereld. We hebben nog nooit zo goed gehad. En we hebben nog nooit zo hard geklaagd. En zijn nog nooit zo bang geweest. Voor elk risico dat we ontdekken bedenken we iets (een maatregel, regeling, wet) om het risico te beperken. Zo kan er bijna niets meer fout gaan in dit land. Net zo goed als je hier bijna niet meer kunt doodgaan. Overlijden in je slaap, zoals Jan Wolkers, is niet voor niets zo'n mooie dood. Want je ligt voor je het weet zomaar een half jaar aan de slangen, om dan alsnog dood te gaan.

Misschien is het onze gehechtheid aan materie die ons zo klagerig en gestresst maakt. Vooral omdat we die materie kwijt zouden kunnen raken. Bovendien stijgt de gemiddelde leeftijd. En oude mensen zijn nu eenmaal eerder bang dan jonge mensen. Dan krijg je van die wonderlijke verschijnselen dat de ervaren veiligheid daalt, terwijl meetbare veiligheid stijgt. (Soort gevoelstemperatuur). Een dodelijke combinatie, die steeds meer zorgen oplevert: steeds meer geld (en de bijbehorende angst om het te verliezen) en een steeds hogere leeftijd (minder flexibel, meer kwetsbaar).

De verzorgingsstaat heeft ons nooit geleerd op eigen benen te staan, misschien zelfs wel afgeleerd. Een soort opvoeding waarbij je weinig zelfstandigheid geleerd wordt, met een moeder die tot je uit huis bent je boterhammen voor school blijft smeren, je op tijd wakker maakt en je bed opmaakt. Dat levert dierentuingedrag op: afhankelijke zwakke mensen die geen idee hebben hoe ze voor zichzelf kunnen zorgen (zonder asociaal te worden) of hoe ze zich moeten redden (zonder een ander te vertrappen).

Mensen die bovendien geleerd hebben dat het voor iedereen alles hetzelfde geregeld moet zijn. Anders is het al gauw 'zielig', 'niet eerlijk' of zelfs 'asociaal'. Dat noemen we gelijkheid. Het is in feite gelijkschakeling. Die leidt er weer toe dat eigen, particulier initiatief op het gebied van zorg en onderwijs door tweederde van onze landgenoten niet wordt gewaardeerd (een uitkomst van het 21minuten onderzoek, zie http://21minuten.nl).

Het netto-effect is een volgevreten land dat tevreden achteroverleunt en ondertussen bang is voor de boze buitenwereld. Verder gaat alles goed! Welkom in NL! Ik had ooit een oom, een hardwerkende tuinder, die wel eens zei: 'Het wordt tijd dat het weer eens oorlog wordt...' Daar bedoelde hij mee: Dan houden mensen misschien op met klagen, omdat ze weer begrijpen waar het in het leven om gaat: in ieder geval niet om materie. (En dat dertig jaar geleden, ten tijde van Joop den Uyl, misschien is het van alle tijden?)

Oorlog hoeft van mij niet, maar misschien is de klimaatverandering wel een blessing in disguise: eindelijk weer eens iets dat echt bedreigend is, dat weer een doel kan geven, dat mensen met elkaar kan verbinden om samen weer iets te gaan ondernemen waar we met elkaar trots op kunnen zijn. Dat is nog eens wat anders dan dat gezeur over Schiphol waar alle schizofrenie en inconsequentie van Nederland prachtig samenkomt (‘Ik wil wel vliegen maar er geen last van hebben’).

Om vrolijk af te sluiten: gelukkig is het land waar de Partij voor de Dieren twee zetels heeft in het parlement. Dan is het voor 'de mensen in het land' blijkbaar ‘godallemachtigprachtig’ geregeld. Er is ongehoorde vooruitgang. Vooral materieel. En dat levert veel verwende mensen op. Die (waarschijnlijk?) geen idee hebben hoe goed ze het hebben. Idee voor de middelbare scholen: werkweken voortaan in Afrika. Met nadruk op werk. Dat is nog eens een maatschappelijke stage.

'De materie voorbij' lijkt mij de enige uitweg. Maar daarvoor moet je wel een stap (willen) maken in de piramide van Maslov. De laatste, naar het zingevingniveau. Gaan begrijpen, ervaren, voelen dat nog meer materie jou niet gelukkiger gaat maken. Gekoppeld aan het nemen van verantwoordelijkheid voor je eigen leven kan dat nog veel moois opleveren. Maar die stap kun je niet afdwingen, ook – of juist? – de politiek niet.

Laten nog veel meer mensen nog veel rijker worden. Dan word je het vanzelf een keer zat. Ik geef toe, dit is allemaal op termijn. Voorlopig blijft het tobben om je heen. Trek je daar vooral geen bal van aan. Ga iets leuks ondernemen. Iets waar jij blij van wordt. Dat jou vervult, omdat een ander er iets aan heeft, ook weer blij van wordt.

De politicus die met de nodige humor een lange neus naar alle klagers durft te trekken zou het nog wel eens ver kunnen schoppen. Iemand die ons laat (in)zien hoe zot is het is om zoveel te klagen en zo bang te zijn. Of kun je dat van niemand vragen? Moeten we het gewoon zelf doen?

zondag, november 04, 2007

Opvoeding? Respect? Daar moet de overheid voor zorgen!

Het 21minuten.nl onderzoek bevat vermakelijke uitkomsten. Bijvoorbeeld dat naar de mening van in totaal 90 procent van de Nederlanders de overheid er voor moet zorgen dat ouders hun kinderen goed opvoeden. Bovendien vindt bijna driekwart van die 90 procent dat de overheid daar meer aan moet doen dan nu het geval is. En maar liefst 92 (!) procent van onze landgenoten vindt dat de overheid er voor moet zorgen dat burgers respectvol met elkaar omgaan. Ook weer driekwart daarvan vindt dat dat meer moet gebeuren dan nu het geval is. Je kunt er om lachen, zelfs huilen van het lachen... Of is dat - om met Max Tailleur te spreken - 'lachen om niet te huilen'?

Hoeveel verantwoordelijkheid wil je buiten jezelf leggen? Welke hoogstpersoonlijke zaken wil je overdragen aan een externe instantie? Voelen negen van de tien Nederlanders zich echt niet bij machte om hun individuele zaken en zorgen zelf op te lossen? Zeggen ze eigenlijk: dat kan ik niet, het is me teveel, dat moet de samenleving voor mij oplossen? Denken onze landgenoten (de buren, de mensen in de straat) echt dat zo ongeveer het meest persoonlijke wat je kunt doen (je omgang met anderen, je kinderen opvoeden) bemoeienis behoeft van de overheid? En dat het dan beter of anders zal gaan in Nederland? Betere opvoeding? Meer respect? Dat dan minder kinderen thuis worden doodgeslagen? (Vijftig per jaar, inderdaad: één kind per week) Dat dan na sluitingstijd minder uitgaansgeweld plaatsvindt? (Eufemistisch: 'Zinloos Geweld', alsof er zinvol geweld bestaat)

Blijkbaar hebben negen van de tien landgenoten behoefte om hun individuele verantwoordelijkheid op z’n minst te delen de samenleving. ‘Daar moet de overheid me bij helpen.’ Om vervolgens diezelfde overheid er vervolgens de schuld van te gaan geven dat het niet lukt... Nee natuurlijk niet, want het is een illusie! Het is per definitie onmogelijk om je individuele verantwoordelijkheid over te dragen aan een instantie buiten jezelf, welke dan ook: de samenleving, de overheid of de politiek. En elke politicus die zegt dat wel kan houdt zichzelf en de rest van de wereld voor de gek.

Zit daar ook de kern van het probleem, de oorzaak van die zogenaamde kloof tussen burger en politiek? Misschien willen we wel voor de gek gehouden worden! Want dan kunnen we doorleven in de illusie dat ‘wij’ er niets aan kunnen doen en dat ‘zij’ het hebben gedaan. Lekker makkelijk! Is dat de stilzwijgende afspraak tussen politiek en burgers? Zij mogen de baas zijn als wij mogen zeggen dat het allemaal hun schuld is. Lekker kankeren op ‘die zakkenvullers in Den Haag’. De machteloosheid ten top.

Dus als we het niet meer weten? De overheid! Opvoeding? Respect? Natuurlijk, daar is de overheid ook voor! Wat volgt? Huiselijk geluk? Vakantiestress? Spirituele leegte? Sexuele bevrediging? Misschien tijd dat iemand ons de spiegel durft voor te houden. Een lachspiegel wel te verstaan. Want het is om te gillen van de lach. Volwassen mensen die zich willens en wetens afhankelijk maken van de overheid. En politici en ambtenaren die daar aan meedoen. Alleen al omdat ze er hun brood mee verdienen. Een systeem dat zichzelf heel vanzelfsprekend, door alle belangen die er spelen, in stand houdt. Een systeem ook dat van buiten steeds weer gevoed wordt door de media die vertellen wat de mensen vinden (help mij, red mij) en wat de politici graag willen horen (ik kom u redden). Eigenlijk een soort ontwikkelingshulp, in ieder geval net zo’n verslavend systeem. Een systeem dat overspannen verwachtingen creëert. En een systeem dat mensen collectief gevangen houdt in onvolwassen gedrag. Een systeem waaraan behoefte is omdat mensen graag gevangen willen blijven.

Het 21 minuten onderzoek maakt pijnlijk duidelijk dat we met z’n allen vrijwillig gevangen zitten in een collectief en zelfverkozen gevangenis. Zolang er zoveel mensen zijn die anderen ergens de schuld van willen kunnen geven en zoveel mensen de verantwoordelijkheid voor hun eigen leven willen kunnen overdragen of afwentelen op een ander zal daar niets aan veranderen. Dan blijft het lachen... om niet te huilen.



(Op http://21minuten.nl kun je het hele onderzoek downloaden, incl. het commentaar van Pieter Winsemius, Yoeri Albrecht en Paul Schnabel.)

Twitter Delicious Facebook Digg Stumbleupon Favorites More